Opschorten van de overeenkomst – wanneer mag dat?

Als er een conflict of geschil is over de nakoming van een overeenkomst met bijvoorbeeld met een verkoper, koper, leverancier of (onder)aannemer zijn er veel juridische wegen te bewandelen. Een van die wegen is de mogelijkheid tot opschorting. Wat is opschorting en wanneer mag je opschorten?

Wat is opschorting?

Opschorting is een mogelijkheid om je eigen verplichtingen voor een bepaalde tijd achter te houden. Stel, je moet een factuur betalen voor een bepaald product, maar het product is nog niet geleverd. Dit terwijl was afgesproken dat het product al voor einddatum factuur zou zijn geleverd. Je kunt (onder bepaalde voorwaarden) dan je verplichting tot betaling opschorten totdat je het product hebt ontvangen. Opschorting is dus eigenlijk een pressiemiddel waarbij je de ander probeert te bewegen om (alsnog) aan zijn verplichting te voldoen.  Let op: opschorting betekent niet dat er helemaal niet hoeft te worden betaald. Het gaat om een tijdelijke periode dat er niet hoeft te worden betaald. In het hierboven genoemde voorbeeld: als de leverancier het product alsnog levert, moet de factuur worden betaald.

Wanneer mag je opschorten?

Voor opschorting is van belang dat je een opeisbare vordering hebt op de wederpartij. Oftewel: de wederpartij had zijn afspraken al moeten nakomen, maar heeft dit nog niet gedaan.

Daarnaast moet er voldoende samenhang bestaan tussen de vordering en de verplichting. Stel, je hebt met de leverancier in het voorbeeld hierboven afgesproken dat je bij hem in de opslagplaats werkzaamheden gaat verrichten die voor een bepaalde tijd moeten zijn afgerond. Als de leverancier het product niet levert, geeft dat jou niet het recht om jouw werkzaamheden op te schorten. Je kunt alleen de betaling van de factuur voor het leveren van het product opschorten. De vordering die hij heeft (de werkzaamheden die verricht moeten worden) hangt namelijk alleen samen met de betaling voor die werkzaamheden (zijn eigen verplichting), maar niet met het leveren van het product.

Verder is voor opschorten vereist dat nakoming door de wederpartij nog mogelijk is.  In het eerder genoemde voorbeeld: als het product niet meer leverbaar is, omdat het bijvoorbeeld uit de productie is gehaald, kan de leverancier niet meer nakomen. Dan heeft opschorting geen zin.

Als laatste geldt dat opschorting naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet onaanvaardbaar is. De opschorting moet in redelijke verhouding staan met de reden hiervoor. Als er bijvoorbeeld 10 boeken zouden worden geleverd en 2 tijdschriften, maar de 2 tijdschriften ontbreken, dan kun je niet de gehele betaling opschorten. Redelijker zou zijn om alleen de betaling op te schorten ten aanzien van de 2 tijdschriften.

Risico’s bij opschorting

Opschorten is niet zonder risico’s. Als (achteraf blijkt dat) je onterecht een beroep hebt gedaan op opschorting, kan je aansprakelijk worden gehouden voor de eventuele schade die de wederpartij door de opschorting heeft geleden.

Neem bij vragen gerust contact op met een van onze advocaten:

mr. M.L. Ravensbergen-Brussee (contact)
mr. M. Bathoorn (contact)